Afscheid nemen - De Zolder
Na 28 jaar is het zover: er moet afscheid genomen worden van het ouderlijk huis. Mijn ouders vertrekken naar een ander huis, zo'n 45 minuten verder weg. Ik merk dat het me zwaar valt. Niet zozeer dat pa en ma verder weg gaan wonen, maar het gedag zeggen tegen een plek die jarenlang mijn toevluchtsoord is geweest. In deze korte serie neem ik per verdieping afscheid. Te beginnen op zolder.
Onze zolder bestaat uit twee kamer en een overloop. Het kantoor van pa ligt links, de ruimte die lange tijd de kamer van mijn moeder was, aan de rechterkant. In 2005 (om en nabij) verhuis ik naar zolder. De rechterkant wordt mijn domeintje. Onder de dakkapel wordt een vast bed gemaakt met lades. Ik krijg een Ikea Poang stoel, waar ik ieder jaar filmpjes in maakt voor Moeder- en Vaderdag. De rest van het jaar ligt er vooral kleding op. Ik kan me goed herinneren dat ik 's avonds tot laat stiekem dropjes in bed at terwijl ik naar de radio luisterde. Soms vergat ik die uit te zetten en viel ik in slaap, en dan werd ik wakker op het moment dat pa de radio uitzette, enigszins mopperend dat ik nog niet sliep. Ook las ik veel boeken in bed, tot ik door het donker de letters niet meer kon lezen. Mijn kamer was mijn heiligdom. Ik was er bijna altijd. Ik zat het liefst boven in een boek of zat op de computer, die ik kreeg toen ik naar bovenbouw van de middelbare school ging. Heerlijk vond ik het op mijn iTunes-lijst netjes te maken achter mijn bureau, muziek te luisteren en blogs te lezen over make-up. De kamer waar ik vriendinnen mee naartoe nam. Mijn eerst vriendje had. Liefdesverdriet had. Logeerpartijtjes organiseerde. Ik nam de gehele inboedel mee toen ik uit huis ging. Ik was er enorm aan gehecht.
Papa's kantoor lag aan de andere kant van het muurtje. Daar bewaarde hij zijn plantenverzameling en werkte hij de eerste jaren van het ondernemerschap thuis. Pa had het altijd druk. Hij zat veel boven. Ik herinner me goed hoe hij in het weekend aan het werk was terwijl hij luisterde naar de voetbalwedstrijd op de radio. Thuiswedstrijden ging hij altijd, uit volgde hij op zolder. Hij had er zijn eigen plekje van gemaakt door een poster op te hangen en er stonden modelauto's op de kast.
Op de overloop stond de wasmachine, droger en centrifuge. Vanuit mijn bed kon ik, als de deur ope stond, recht kijken op die laatstgenoemde. Ik vond het een eng ding. ~Door een spannende film (een parodie op The Ring) durfde ik een hele tijd niet te slapen opdat ik bang was dat er een witte vrouw met zwarte lang haar uit de centrifuge zou kruipen. De geluiden die de kat maakte (ook diens bak stond op zolder) maakte dat alleen maar erger. Gelukkig sleet dat gevoel met de tijd, maar het is een herinnering die me altijd bij bleef.
Ik heb onwijs last van de hechting aan het huis. Ik vind het moeilijk om afscheid te nemen van het vertrouwde uitzicht en de herinneringen die ik er gemaakt heb. En ondanks dat die herinneringen allemaal in mijn hoofd zitten en niet fysiek in mijn kamer, kan ik dat gevoel van loslaten slecht accepteren. Waarom nou niet? Gun ik een ander niet om ook herinneringen in dit huis te maken? Jawel, dat is het niet. Het beste vergelijk kan ik trekken dat het definitief het einde van mijn kindertijd betekent. Ik heb nu een volwassen leven. Ik ben bijna 30 jaar. Ik wil alleen nog steeds een beetje kind zijn. In het nieuwe huis van pa en ma zal ik dat minder of zelfs niet zijn. Daar zullen mijn kinderen (hopelijk!) juist het huis van opa en oma vinden. Maar mijn 'thuis' is er straks niet meer.
Reacties
Een reactie posten